Denemarken als voorbeeld in onderzoek naar pepperspray voor zelfverdediging
DEN HAAG – Het kabinet onderzoekt of pepperspray in Nederland, onder strikte voorwaarden, beschikbaar kan komen voor mensen met een bijzondere beschermingsbehoefte. Aanleiding is de aanhoudende problematiek van intimidatie en geweld tegen vrouwen, waarbij ook ernstige en dodelijke incidenten voorkomen. Het kabinet stelt dat veiligheid in de openbare ruimte niet vanzelfsprekend is en kijkt daarom naar mogelijke aanvullende maatregelen.
Pepperspray is in Nederland voor burgers momenteel verboden op grond van de Wet wapens en munitie (WWM). De verkenning richt zich op de vraag of het beleid kan worden aangepast zodat een beperkte en zorgvuldig gecontroleerde groep toch toegang kan krijgen tot het middel.
Volgens David van Weel blijft de nadruk liggen op het bestrijden van daders, het beschermen van slachtoffers en het voorkomen van geweld. Tegelijkertijd wil het kabinet onderzoeken of een vergunningstelsel voor een kleine groep mensen met een aantoonbare beschermingsbehoefte aanvullend kan bijdragen aan de veiligheid. Van Weel benadrukt dat niemand verantwoordelijk mag worden gemaakt voor zijn of haar eigen veiligheid.
De verkenning richt zich onder meer op het zogenoemde Deense model, waarbij sinds 2019 personen met een bijzondere beschermingsbehoefte na toestemming van de politie pepperspray mogen dragen voor zelfverdediging. Het kan daarbij gaan om mensen die te maken hebben met stalking, relationele conflicten of eergerelateerd geweld. In Denemarken is dit systeem geëvalueerd en nog altijd van kracht.
Het kabinet bekijkt of dit model ook in Nederland toepasbaar is, omdat het daar gepaard gaat met strikte voorwaarden om te voorkomen dat pepperspray te breed beschikbaar komt. Minister Van Weel gaat hierover in gesprek met deskundigen uit zowel Nederland als Denemarken om te beoordelen of het systeem kan bijdragen aan een veiligere publieke ruimte, met name voor vrouwen.
Naast deze verkenning benadrukt het kabinet dat de aanpak van onveiligheid op straat breder moet worden gezien. Er wordt gewerkt aan een integrale benadering om geweld tegen vrouwen terug te dringen. Ook wordt ingezet op de oprichting van een Nationaal Coördinator Geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, die moet bijdragen aan een meer gecoördineerde aanpak van het probleem.
